Kan je uitleggen wat je rol is als ergotherapeut binnen De Linde?
Als ergotherapeut vertrek ik steeds vanuit de levensgeschiedenis van elke bewoner. Ik kijk naar wie iemand is, wat hij of zij belangrijk vindt en wat iemand nog zelf kan. Ik help bewoners bij bewegen, geheugen, dagelijkse activiteiten en het gebruik van hulpmiddelen. Ook zoeken we samen naar een zinvolle dagbesteding. Daarbij werken we nauw samen met de andere begeleiders en therapeuten.
Hoe ziet een gemiddelde werkdag eruit?
’s Ochtends oefen ik met bewoners dagelijkse dingen zoals douchen, tanden poetsen, aankleden of huishoudelijke taken. Dit om de bewoner zo veel mogelijk zelfstandig te kunnen laten worden. Doorheen de dag geef ik individuele therapie of werk ik met kleine groepjes.
Ik begeleid ook activiteiten zoals yoga, fitness, koken of hypotherapie. Tussendoor doe ik administratie en schrijf ik verslagen. Geen enkele dag is hetzelfde.
Met welke vragen komen bewoners het vaakst bij jou terecht?
Vaak gaat het over geheugenproblemen, moeilijkheden met bewegen of dagelijkse handelingen zoals tanden poetsen en douchen. Ook leren bewegen van bijvoorbeeld een bed naar een rolstoel komt regelmatig voor.
Daarnaast helpen we met praktische vragen, zoals het gebruik van een gsm of WhatsApp. Ook zoeken we samen naar hobby’s en een zinvolle invulling van de dag.
Welke gevolgen van NAH hebben de grootste invloed op het dagelijks leven?
NAH kan veel verschillende gevolgen hebben. Sommige bewoners hebben moeite met plannen of weten niet goed welke stappen nodig zijn om iets te doen. Ook geheugenproblemen komen vaak voor, waardoor nieuwe dingen aanleren meer tijd en herhaling vraagt.
Daarnaast kunnen bewoners lichamelijke problemen hebben, zoals een verlamming aan één kant van het lichaam. Daardoor kunnen zelfs eenvoudige handelingen, zoals tanden poetsen of een boterham smeren, moeilijk worden.
Welke beperkingen zijn voor buitenstaanders minder zichtbaar?
Niet alle gevolgen van NAH zijn zichtbaar. Sommige bewoners hebben bijvoorbeeld moeite om hun eigen mogelijkheden goed in te schatten. Ook kunnen ze sneller reageren zonder eerst na te denken.
Daarnaast zijn er problemen met het geheugen, plannen of het zien van een deel van hun omgeving. Omdat je dit niet altijd meteen ziet, kunnen deze moeilijkheden soms voor misverstanden zorgen.
Hoe help je bewoners om zo zelfstandig mogelijk te blijven?
We oefenen eerst de vaardigheden die iemand nodig heeft. Daarna passen we die toe in het dagelijkse leven.
Heeft iemand bijvoorbeeld moeite met tanden poetsen, dan oefenen we eerst de nodige bewegingen. Daarna oefenen we dit samen in de badkamer. Zo leert iemand stap voor stap om de handeling weer zo zelfstandig mogelijk uit te voeren.
Welke dagelijkse activiteiten oefen je met bewoners?
De activiteiten die we oefenen zijn volledig afhankelijk van wat de bewoner zelf belangrijk vindt. De begeleiding is dus sterk individueel en vertrekt vanuit persoonlijke doelen. Vaak oefenen we dagelijkse handelingen zoals douchen, tanden poetsen, scheren, aan- en uitkleden en bewegen van bijvoorbeeld een bed naar een rolstoel. Zo proberen we bewoners zoveel mogelijk zelfstandigheid en controle over hun dagelijks leven terug te geven.
Welke hulpmiddelen of aanpassingen gebruik je het meest?
Binnen de voorziening maken we gebruik van een brede waaier aan hulpmiddelen om bewoners zo zelfstandig mogelijk te laten functioneren. Dat kan bijvoorbeeld gaan om een aangepast snijplankje, een douchestoel, handgrepen, een grijpstok of hulpmiddelen die het lezen gemakkelijker maken. We kijken steeds naar wat iemand nodig heeft.
Hoe betrek je bewoners bij de keuze van hulpmiddelen?
Bewoners proberen de hulpmiddelen eerst zelf uit. Zo kunnen ze ervaren wat voor hen werkt en wat niet. Daarna zoeken we samen naar de oplossing die het beste bij hen past.
Kan je een voorbeeld geven van een aanpassing die een groot verschil maakte?
Een mooi voorbeeld is een aangepast plankje dat een bewoner hielp bij het tanden poetsen. Het gaf haar meer houvast, waardoor ze dit weer zelfstandig kon doen. Het lijkt misschien een kleine aanpassing, maar voor haar betekende het een grote stap naar meer zelfstandigheid.
Hoe werk je samen met de rest van het team van De Linde?
We werken nauw samen met de andere therapeuten en begeleiders. Zo overleg ik bijvoorbeeld met de logopedist over het bedienen van een gsm met de stem en met de kinesitherapeut over mobiliteit en het maken van transfers. Door deze nauwe samenwerking kunnen we verschillende invalshoeken combineren en bewoners beter ondersteunen.
Ook de begeleiders zijn belangrijk. Wat iemand tijdens de therapie leert, proberen we samen toe te passen in het dagelijkse leven.
Wat geeft je de meeste voldoening in je werk?
Voor mij is de grootste bron van voldoening wanneer ik bewoners gelukkig zie doordat ze hun persoonlijke doelen bereiken. Het moment waarop iemand merkt dat een vaardigheid terugkomt, een handeling weer lukt of een stukje zelfstandigheid wordt herwonnen, geeft enorm veel energie. Het zijn vaak kleine stappen, maar voor de bewoner betekenen ze een wereld van verschil.
Welke boodschap zou je willen meegeven aan iemand die net een NAH heeft opgelopen en bang is voor de toekomst?
Dat je er niet alleen voor staat! Er is een netwerk aan mensen die je bijstaan, familie/ vrienden, therapeuten, dokters, …