Leven met een NAH

Een interview met bewoner Yvan

Hoe zag je leven eruit voordat je in De Linde kwam wonen?
Ik was drankenhandelaar in Tienen, een job die ik met heel veel plezier deed. Ik woonde met mijn gezin in Grimde. Mijn vrouw had twee kinderen uit een vorige relatie en samen kregen we nog twee zonen: Nick en Benjamin.

In 2013 kreeg ik een beroerte. Daardoor kon ik niet meer praten en had ik door de zwakte aan mijn linkerzijde ook meer moeite om te bewegen. Gelukkig kon ik toen nog thuis blijven wonen. Een jaar later kreeg ik opnieuw een beroerte. In 2016 is mijn vrouw helaas overleden aan botkanker. In 2023 werd ik opgenomen in het ziekenhuis met ernstige longproblemen. Nadien bleek dat zelfstandig thuis wonen niet langer mogelijk was, waardoor ik hier ben komen wonen.

Weet je nog hoe het was om hier te komen wonen?
Dat was niet met volle goesting. Ik wilde liever thuis blijven, maar ik wist ook dat het niet anders kon.

Wat was in het begin het moeilijkst?
Mij goed kunnen uitdrukken. Ik ben altijd een echte babbelaar geweest. Plots niet meer kunnen spreken maakte het heel moeilijk om duidelijk te maken wat ik bedoelde. Gelukkig kan ik nu veel communiceren via mijn tablet.

Hoe ziet een gewone dag er voor jou uit?
Ik word meestal rond 6 uur wakker, maar blijf nog rustig in bed tot de verpleging rond 8 uur langskomt. Ik geniet van de stilte. Verzorgd worden is niet altijd fijn, maar achteraf doet het wel deugd. Daarna blijf ik meestal nog tot 11 uur in bed. Ik kijk filmpjes op Facebook of praat via mijn tablet met familie en vrienden.

Rond 11 uur sta ik op. Om 13 uur kijk ik graag naar het nieuws. In de namiddag heb ik bijna elke dag therapie: kinesitherapie, ergotherapie, logopedie of muziektherapie. Soms krijg ik ook bezoek. Rond 17.30 uur komt de verpleging voor de avondverzorging. Daarna kijk ik nog wat televisie of gebruik ik mijn tablet. Meestal ga ik rond middernacht slapen.

Wat vind je prettig aan het wonen hier?
Dat ik hier zoveel therapie krijg. Ik wil graag zo zelfstandig mogelijk worden. Daarnaast hou ik ervan om samen met de begeleiders te lachen en eens onnozel te doen.

Zijn er dingen die je minder fijn vindt?
Douchen vind ik moeilijk. Op de douchebrancard moeten liggen geeft me een bang gevoel. En ik mis ook dieren. Ik vind het jammer dat er hier geen huisdieren zijn.

Wat maakt dat je je hier thuis voelt?
Ondanks dat ik heel erg blij ben dat ik hier kan blijven, voelt mijn eigen appartement toch het meest als mijn thuis. Ik voel me hier in zekere zin ook thuis en ben dankbaar voor de plek die ik hier heb, maar niets kan helemaal hetzelfde gevoel geven als je eigen appartement.

Wat mis je het meest aan thuis zijn?
Mijn eigen plek en mijn vijf katten.

Wie zijn belangrijke mensen voor jou?
Mijn zoon Benjamin en mijn vriendin Maryvonne. Zij komen me gelukkig heel vaak bezoeken.

Hoe hou je contact met familie en vrienden?
Via Facebook en door de bezoekjes die ik krijg. Ik vind het altijd leuk als mensen van vroeger mij opnieuw contacteren om even bij te praten.

Wat geeft je kracht of moed?
Als de beurs goed staat voor mijn beleggingen. 😊

Welk advies zou je geven aan iemand die hier net komt wonen?
Luister naar het advies van het personeel. Dat heeft mij door de jaren heen al veel geholpen.

Is er iets waarvan je zou willen dat anderen beter begrijpen over leven met NAH?
Het moeilijkste vind ik dat ik als zelfstandige ondernemer zoveel hulp moet aanvaarden. Ik deed vroeger alles zelf. Nu heb ik die hulp echt nodig, en dat blijft soms moeilijk om te accepteren.

Hoe zie je de toekomst?
Mijn grootste droom is nog altijd om opnieuw naar huis te kunnen. Daarom blijf ik hard oefenen om zelfstandiger te worden, bijvoorbeeld om opnieuw zelf te kunnen stappen en naar het toilet te gaan. Ik verlang ernaar om weer wat meer vrijheid te hebben, eens naar de winkel te kunnen gaan en zelf keuzes te maken.

Week van de NAH

In gesprek met begeleider Sylvia

Hoe lang werk je al met mensen met NAH?
Ik werk sinds 9 januari 2023 in De Linde. Ondertussen ben ik hier al ruim drieënhalf jaar met veel goesting aan de slag. Ik doe mijn job echt met veel plezier en haal er elke dag voldoening uit.

Wat sprak je aan in het werken met deze doelgroep?
Mijn weg naar de NAH-zorg was eigenlijk een beetje een gelukkig toeval. Ik kom uit de ouderenzorg, maar was door de hoge werkdruk en de systemische aanpak op zoek naar een nieuwe uitdaging. Begin 2023 kwam ik in De Linde terecht.

Hoewel de NAH-doelgroep nieuw voor me was, voelde het meteen goed. Ik merkte al snel dat mijn kwaliteiten, zoals rust bewaren en mensen een veilig gevoel geven, hier echt tot hun recht komen. Het geeft me veel voldoening om te voelen dat ik hier écht iets kan betekenen.

Hoe ziet een gemiddelde werkdag eruit?
Mijn werkdag start om 7 uur met de overdracht van de nachtploeg. Daarna starten de sondevoeding en de ochtendzorg, samen met de thuisverpleging. We begeleiden de bewoners bij het ontbijt en de medicatie.

Overdag ondersteunen we bij therapieën, de maaltijden en de verdere zorg. Na de middagrust is er tijd voor persoonlijke aandacht, zoals een gezelschapsspel, een wandeling of een uitstap. ’s Avonds zorgen we voor het avondeten, de bedzorg en medicatie. Rond 21 uur zit mijn werkdag erop.

Geen enkele dag is hetzelfde, en dat maakt het net zo fijn.

Wat zijn de meest voorkomende gevolgen van NAH die je in de praktijk ziet?
De gevolgen van NAH kunnen heel verschillend zijn. We zien zowel lichamelijke als mentale gevolgen, zoals verlamming, rolstoelafhankelijkheid, overprikkeling, geheugen- en concentratieproblemen of moeite met spreken.

Ook emoties kunnen sterk veranderen. Iemand kan plots boos of verdrietig worden. Als begeleider probeer ik gedrag daarom niet persoonlijk te nemen, maar te begrijpen waar het vandaan komt. Vaak is het een teken van onmacht of overprikkeling. Door rustig te blijven en signalen tijdig te herkennen, kunnen we bewoners beter ondersteunen.

Hoe help je bewoners zich hier thuis te voelen?
Voor mij begint dat met goed luisteren en kijken naar wie iemand is. Eigen meubels, foto’s, boeken of planten kunnen een kamer vertrouwd maken. Daarnaast sluiten we zoveel mogelijk aan bij hun interesses, gewoontes en levensverhaal.

We proberen bewoners ook zoveel mogelijk zelf keuzes te laten maken over hun dag. Zo behouden ze inspraak over hun eigen leven, wat vertrouwen en waardigheid geeft.

Hoe zoek je de balans tussen ondersteuning en zelfstandigheid?
Mijn visie is eenvoudig: neem niet over wat iemand zelf nog kan. Ik kijk elke dag opnieuw wat een bewoner aankan. Op een goede dag kan iemand meer zelf, terwijl er op een moeilijke of vermoeide dag meer ondersteuning nodig is.

Met hulpmiddelen proberen we de zelfstandigheid en privacy van bewoners zoveel mogelijk te behouden.

Hoe verloopt de samenwerking met familieleden?
De samenwerking met familie vind ik heel belangrijk. Zij kennen de bewoner vaak het beste, ook van vóór het hersenletsel. Door naar hun verhalen te luisteren, leer ik de bewoner beter begrijpen.

Ik vind het belangrijk om open te communiceren en er ook voor de familie te zijn. Ook voor hen is de situatie niet altijd gemakkelijk. Hun leven is vaak mee veranderd en ook zij hebben soms ondersteuning nodig.

Werk je graag samen met andere disciplines?
Absoluut! Door onze kennis te delen en goed samen te werken, kunnen we de bewoners de beste ondersteuning bieden. Zo houden we de lijntjes kort en kunnen we snel inspelen op wat iemand nodig heeft.

Als ik bijvoorbeeld merk dat een bewoner met een visuele beperking zich verveelt, overleg ik met de ergo. Bij problemen met drinken overleg ik met de logo en wanneer een rolstoel niet meer comfortabel lijkt, geef ik dat door aan de kine. Samen zoeken we naar oplossingen.

Wat vind je het meest uitdagende aan je werk?
Het meest uitdagende vind ik de onvoorspelbaarheid. Door het hersenletsel kan een bewoner snel van stemming veranderen of door een kleine prikkel gefrustreerd raken.

Je moet daarom kleine signalen leren herkennen en snel kunnen schakelen. Ik probeer vooral rust te brengen en ervoor te zorgen dat de bewoner zich weer veilig voelt. Dat maakt het werk soms intensief, maar geeft ook veel voldoening.

Zijn er situaties die je altijd bijblijven?
Wat mij het meest bijblijft, zijn eigenlijk de momenten van pure gezelligheid en humor. Samen naar muziek luisteren, herinneringen ophalen of gewoon eens goed lachen… Die momenten zijn goud waard.

Ook de vooruitgang van bewoners blijft me bij. Wanneer iemand bijvoorbeeld na intensieve therapie weer kan stappen, is het fantastisch om die evolutie van zo dichtbij mee te maken.

Wat zou je willen dat mensen beter begrijpen over leven met NAH?
NAH is veel meer dan wat je aan de buitenkant ziet. Naast zichtbare beperkingen zijn er ook onzichtbare gevolgen, zoals overprikkeling, vermoeidheid en concentratieproblemen.

Als iemand trager reageert of even vastloopt, is dat geen onwil. Geef die persoon tijd en geduld. Ik hoop vooral dat mensen verder kijken dan de beperking en blijven zien wie de persoon achter het NAH is.

Als je één ding zou mogen veranderen in de zorg voor mensen met NAH, wat zou dat dan zijn?
Ik zou vooral willen dat er meer tijd en ruimte is voor bewoners. Mensen met NAH hebben vaak nood aan rust, structuur en een aanpak op maat. Door de werkdruk is dat niet altijd gemakkelijk.

Daarnaast is meer kennis over NAH belangrijk. Elk hersenletsel is anders en iedereen heeft dus andere noden. We moeten blijven kijken naar de persoon zelf en niet te veel vasthouden aan vaste regels.

Cookies nodig

Sorry, om deze functionaliteit te gebruiken moet je eerst de bijhorende cookies aanvaarden.