Hoe lang werk je al met mensen met NAH?
Ik werk sinds 9 januari 2023 in De Linde. Ondertussen ben ik hier al ruim drieënhalf jaar met veel goesting aan de slag. Ik doe mijn job echt met veel plezier en haal er elke dag voldoening uit.
Wat sprak je aan in het werken met deze doelgroep?
Mijn weg naar de NAH-zorg was eigenlijk een beetje een gelukkig toeval. Ik kom uit de ouderenzorg, maar was door de hoge werkdruk en de systemische aanpak op zoek naar een nieuwe uitdaging. Begin 2023 kwam ik in De Linde terecht.
Hoewel de NAH-doelgroep nieuw voor me was, voelde het meteen goed. Ik merkte al snel dat mijn kwaliteiten, zoals rust bewaren en mensen een veilig gevoel geven, hier echt tot hun recht komen. Het geeft me veel voldoening om te voelen dat ik hier écht iets kan betekenen.
Hoe ziet een gemiddelde werkdag eruit?
Mijn werkdag start om 7 uur met de overdracht van de nachtploeg. Daarna starten de sondevoeding en de ochtendzorg, samen met de thuisverpleging. We begeleiden de bewoners bij het ontbijt en de medicatie.
Overdag ondersteunen we bij therapieën, de maaltijden en de verdere zorg. Na de middagrust is er tijd voor persoonlijke aandacht, zoals een gezelschapsspel, een wandeling of een uitstap. ’s Avonds zorgen we voor het avondeten, de bedzorg en medicatie. Rond 21 uur zit mijn werkdag erop.
Geen enkele dag is hetzelfde, en dat maakt het net zo fijn.
Wat zijn de meest voorkomende gevolgen van NAH die je in de praktijk ziet?
De gevolgen van NAH kunnen heel verschillend zijn. We zien zowel lichamelijke als mentale gevolgen, zoals verlamming, rolstoelafhankelijkheid, overprikkeling, geheugen- en concentratieproblemen of moeite met spreken.
Ook emoties kunnen sterk veranderen. Iemand kan plots boos of verdrietig worden. Als begeleider probeer ik gedrag daarom niet persoonlijk te nemen, maar te begrijpen waar het vandaan komt. Vaak is het een teken van onmacht of overprikkeling. Door rustig te blijven en signalen tijdig te herkennen, kunnen we bewoners beter ondersteunen.
Hoe help je bewoners zich hier thuis te voelen?
Voor mij begint dat met goed luisteren en kijken naar wie iemand is. Eigen meubels, foto’s, boeken of planten kunnen een kamer vertrouwd maken. Daarnaast sluiten we zoveel mogelijk aan bij hun interesses, gewoontes en levensverhaal.
We proberen bewoners ook zoveel mogelijk zelf keuzes te laten maken over hun dag. Zo behouden ze inspraak over hun eigen leven, wat vertrouwen en waardigheid geeft.
Hoe zoek je de balans tussen ondersteuning en zelfstandigheid?
Mijn visie is eenvoudig: neem niet over wat iemand zelf nog kan. Ik kijk elke dag opnieuw wat een bewoner aankan. Op een goede dag kan iemand meer zelf, terwijl er op een moeilijke of vermoeide dag meer ondersteuning nodig is.
Met hulpmiddelen proberen we de zelfstandigheid en privacy van bewoners zoveel mogelijk te behouden.
Hoe verloopt de samenwerking met familieleden?
De samenwerking met familie vind ik heel belangrijk. Zij kennen de bewoner vaak het beste, ook van vóór het hersenletsel. Door naar hun verhalen te luisteren, leer ik de bewoner beter begrijpen.
Ik vind het belangrijk om open te communiceren en er ook voor de familie te zijn. Ook voor hen is de situatie niet altijd gemakkelijk. Hun leven is vaak mee veranderd en ook zij hebben soms ondersteuning nodig.
Werk je graag samen met andere disciplines?
Absoluut! Door onze kennis te delen en goed samen te werken, kunnen we de bewoners de beste ondersteuning bieden. Zo houden we de lijntjes kort en kunnen we snel inspelen op wat iemand nodig heeft.
Als ik bijvoorbeeld merk dat een bewoner met een visuele beperking zich verveelt, overleg ik met de ergo. Bij problemen met drinken overleg ik met de logo en wanneer een rolstoel niet meer comfortabel lijkt, geef ik dat door aan de kine. Samen zoeken we naar oplossingen.
Wat vind je het meest uitdagende aan je werk?
Het meest uitdagende vind ik de onvoorspelbaarheid. Door het hersenletsel kan een bewoner snel van stemming veranderen of door een kleine prikkel gefrustreerd raken.
Je moet daarom kleine signalen leren herkennen en snel kunnen schakelen. Ik probeer vooral rust te brengen en ervoor te zorgen dat de bewoner zich weer veilig voelt. Dat maakt het werk soms intensief, maar geeft ook veel voldoening.
Zijn er situaties die je altijd bijblijven?
Wat mij het meest bijblijft, zijn eigenlijk de momenten van pure gezelligheid en humor. Samen naar muziek luisteren, herinneringen ophalen of gewoon eens goed lachen… Die momenten zijn goud waard.
Ook de vooruitgang van bewoners blijft me bij. Wanneer iemand bijvoorbeeld na intensieve therapie weer kan stappen, is het fantastisch om die evolutie van zo dichtbij mee te maken.
Wat zou je willen dat mensen beter begrijpen over leven met NAH?
NAH is veel meer dan wat je aan de buitenkant ziet. Naast zichtbare beperkingen zijn er ook onzichtbare gevolgen, zoals overprikkeling, vermoeidheid en concentratieproblemen.
Als iemand trager reageert of even vastloopt, is dat geen onwil. Geef die persoon tijd en geduld. Ik hoop vooral dat mensen verder kijken dan de beperking en blijven zien wie de persoon achter het NAH is.
Als je één ding zou mogen veranderen in de zorg voor mensen met NAH, wat zou dat dan zijn?
Ik zou vooral willen dat er meer tijd en ruimte is voor bewoners. Mensen met NAH hebben vaak nood aan rust, structuur en een aanpak op maat. Door de werkdruk is dat niet altijd gemakkelijk.
Daarnaast is meer kennis over NAH belangrijk. Elk hersenletsel is anders en iedereen heeft dus andere noden. We moeten blijven kijken naar de persoon zelf en niet te veel vasthouden aan vaste regels.